Zoals in de vorige guides is vermeld, kunnen parameters aan een artikel worden toegevoegd. Daarom zullen alle productorders die op basis van dat artikel worden gemaakt, dezelfde parameters dragen.
Waar u het Parameter Menu op een artikel kunt vinden
Het configureren van de parameters van een artikel kan op de volgende manier worden gedaan:
- Klik Kwaliteitsmanagement in de sidebar van de startpagina.
- Klik Procedures.
- Klik op een bestaande artikelcategorie.
- Klik op het tabblad ERP Configuratie.
- Klik op het tabblad Parameters.
Maak een nieuwe parameter aan en vul deze in
- Klik Kwaliteitsmanagement in de sidebar van de startpagina.
- Klik Procedures.
- Klik op een bestaande artikelcategorie.
- Klik op het tabblad ERP Configuratie.
- Klik op het tabblad Parameters.
- Klik op het tandwiel pictogram.
- Klik Parameter toevoegen.
- Voeg de parameter naam in
- Klik Creëren.
- Vul de velden in met de gewenste inhoud.
Opmerking: Als de Parameter key uit 2 of meer woorden bestaat, dient u een onderstrepingsteken tussen de woorden te gebruiken, zoals hieronder weergegeven.
Kies het parameterwaardetype
Er zijn 3 beschikbare parameterwaardetype. Elk ervan heeft zijn eigen specifiek gebruik:
- Tekst (de parameterwaarde kan enkel letters en symbolen weergeven – het kan geen nummers weergeven). Dit parameterwaardetype wordt meestal gebruikt om de kwalitatieve kenmerken van een artikel weer te geven (bijv. de kleur, het materiaal, enz.).
- Nummer (de parameterwaarde kan enkel nummers weergeven – het kan geen letters of symbolen weergeven. Om berekeningen met parameters uit te voeren, dient u dit parameterwaardetype te kiezen). Dit parameterwaardetype wordt meestal gebruikt om de kwantitatieve kenmerken van een artikel weer te geven (bijv. de lengte, het gewicht, enz.).
- True/false (de parameterwaarde geeft true of false weer). Dit parameterwaardetype wordt meestal gebruikt om een ja/nee vraag te beantwoorden (bijv. "bevat dit item enig gevaarlijk materiaal?").
Standaard zal een nieuw aangemaakte parameter Tekst als standaard parameterwaardetype hebben. U kunt dit echter veranderen. Hier ziet u hoe u het parameterwaardetype van een parameter kiest:
- Klik Kwaliteitsmanagement in de sidebar van de startpagina.
- Klik Procedures.
- Klik op een bestaande artikelcategorie.
- Klik op het tabblad ERP Configuratie.
- Klik op het ⋮ (drie-puntjes) pictogram naast het artikel dat het parameterwaardetype bevat dat u wilt veranderen.
- Klik Aanpassen.
- Klik op het tabblad Parameters.
- Klik **abc ** als het huidige parameterwaardetype Tekst is, klik 123 als het huidige parameterwaardetype Nummer is, of klik T/F als het huidige parameterwaardetype True/false is.
- Selecteer het nieuwe parameterwaardetype.
- Wanneer u klaar bent, klikt u Opslaan.
Hernoem of verwijder een bestaande parameter
- Klik Kwaliteitsmanagement in de sidebar van de startpagina.
- Klik Procedures.
- Klik op een bestaande artikelcategorie.
- Klik op het tabblad ERP Configuratie.
- Klik op het tabblad Parameters.
- Klik op het tandwiel pictogram.
- Klik Parameters beheren.
- Selecteer de parameter die u wilt configureren en klik op het ⋮ (drie-puntjes) pictogram ernaast.
- Om de variant te hernoemen: klik Aanpassen, voeg de naam van de variant in en klik Bijwerken.
- Om de variant te verwijderen: klik Ontkoppelen.