Dit artikel legt uit hoe u een randapparaat aan uw Azumuta Workspace toevoegt. Voor u de stappen doorloopt, zorg ervoor dat u al het volgende hebt:
- Het randapparaat dat u wilt integreren.
- Een computer/Windows tablet die is ingelogd in uw Azumuta Workspace.
- Een Hub plugin voor het besturingssysteem van uw computer. Download het van Management → Randapparaten → Hubs. Als de Hub plugin uw apparaat niet ondersteunt, ons te contacteren op support@azumuta.com om erachter te komen hoe uw apparaat kan worden geïntegreerd.
Als u alle 3 hebt, kunt u het randapparaat in 3 stappen aan uw Azumuta Workspace toevoegen.
De voorbeelden in dit artikel gebruiken de integratie van een temperatuurpistool in een Azumuta Workspace.
Verbind het randapparaat met uw computer
Verbind het randapparaat met uw computer/Windows tablet. Verschillende apparaten verbinden op verschillende manieren; veelgebruikte methoden zijn:
- Wi-Fi
- Bluetooth
- RFID
Raadpleeg de handleiding/gids van uw randapparaat voor de voorkeursmethode voor verbinding.
Opmerking: Houd het randapparaat gedurende de onderstaande stappen verbonden met uw computer/Windows tablet.
Voeg het randapparaat toe aan uw Workspace
Zodra het apparaat is verbonden, voegt u het toe aan uw Azumuta Workspace:
- Klik op Randapparaten onder Management.
- Klik op de gele knop.
- Typ de naam van het nieuwe randapparaat.
- Selecteer een van de bestaande randapparaatgroepen of creëer een nieuwe randapparaatgroep.
- Selecteer het check-type dat dit randapparaat zal gebruiken. Dit randapparaat kan enkel op dit bepaalde check-type worden gebruikt.
- Selecteer de Hub plugin die u eerder hebt gedownload.
- Vul de configuratievelden in. De inhoud van deze velden is gebaseerd op de plugin.
- Typ aanvullende nota's (indien nodig) – deze verschijnen in uw lijst met randapparaten.
- Klik op voeg toe wanneer u klaar bent.
Schakel het randapparaat in op een device
Ten slotte schakelt u het randapparaat in op de computer (desktop of laptop) of Windows tablet waar u het wilt gebruiken. Randapparaten kunnen niet worden gebruikt op iOS/Android tablets of smartphones.
- Klik op Devices onder Management.
- Klik op het ⋮ (drie-puntenpictogram) naast het device waarop u het randapparaat wilt inschakelen.
- Klik op Device bewerken.
- Klik op het tabblad Randapparaten.
- Klik op het vervolgkeuzemenu onder Randapparatuur voor instructie-checks.
- Selecteer het randapparaat dat u op dit device wilt inschakelen. U kunt hier meerdere randapparaten selecteren.
- Klik op Opslaan wanneer u klaar bent.
Opmerking: Deze stappen voegen 1 randapparaat toe. Om 10 randapparaten te integreren (zelfs identieke), herhaalt u alle stappen 10 keer.